MS chronische vaatafwijking?

Multipele sclerose (MS) is mogelijk geen chronische ziekte aan het centrale zenuwstelsel, maar een ziekte aan het vaatstelsel. De Italiaanse vaatarts Paolo Zamboni concludeert dat MS-patiënten vaak afwijkingen hebben aan vaten die door het centrale zenuwstelsel lopen. Deze zouden leiden tot afwijkende doorbloedingspatronen in de hersenen, die op hun beurt tot MS-afwijkingen zouden leiden.

Zamboni heeft na zijn beeldvormende onderzoeken inmiddels endovasculaire ballonkatheterisaties verricht bij 65 MS-patiënten. De arts uit Ferrara begon zijn onderzoeken toen bij zijn destijds 37-jarige vrouw MS geconstateerd werd en zij was ook de eerste patiënt die zijn team geopereerd heeft. 18 maanden na behandeling bleek het aantal patiënten zonder MS-aanvallen gestegen en het aantal met nieuwe MS-afwijkingen in de hersenen gedaald (J Vasc Surg. 2009;5:1348-58).

Herbalife en de haperende hepar

Veel mensen denken dat kruidenpreparaten ‘natuurlijk’ en dus onschuldig zijn. Van sommige preparaten zijn echter schadelijke interacties met reguliere medicijnen bekend, evenals complicaties zoals levertoxiciteit.

Onlangs berichtten twee onderzoeksgroepen elk over een cluster van patiënten met acute leverschade na gebruik van voedings- en kruidensupplementen van de firma Herbalife. Deze voornamelijk op gewichtsbeheersing en ‘welzijn’ gerichte producten zijn ook in Nederland verkrijgbaar, via een netwerk van privédistributeurs.

Elinav et al. beschrijven 12 Israëlische patiënten met acute leverschade na gebruik van Herbalife-producten.

Wetenschappelijke artikelen steeds moeilijker te lezen

Grafiek die steeds slechtere leesbaarheid van wetenschappelijke literatuur illustreert


‘Helder als modder’. Onder die titel publiceerde Nature-correspondent Jonathan Knight onlangs een alarmerend artikel over de steeds slechter wordende leesbaarheid van de wetenschappelijke literatuur (Nature 2003;423:376-8).

Knight baseert zich vooral op het werk van prof. Donald Hayes. De afgelopen 10 jaar is de leesbaarheid van artikelen in Nature sterk verslechterd, zo blijkt uit diens onderzoek. Dit terwijl rond 1900 de score van Nature en Science nog vergelijkbaar was met die van goede kranten, bijvoorbeeld The Daily Telegraph en The New York Times.

Leesbaarheid van medisch-wetenschappelijke artikelen: moeilijk te meten

Thomas-Eakins-The-Writing-Master-The-Artist-Father
Thomas-Eakins-The-Writing-Master-The-Artist-Father

Steeds meer medisch-wetenschappelijke artikelen zijn via internet te bekijken en ook de hoeveelheid gepubliceerde artikelen blijft toenemen. Daar de tijd om de vakliteratuur bij te houden beperkt is, zouden medische artikelen goed gestructureerd en gemakkelijk leesbaar moeten zijn.

Weeks en Wallace keken naar de leesbaarheid van oorspronkelijke stukken in BMJ en JAMA.1 Zij berekenden met een computerprogramma 2 gevalideerde leesbaarheidsscores, de Flesch-score en de Gunning- ‘fog’-index.

Beide zijn gebaseerd op het aantal woorden per zin en het aantal lettergrepen per woord. Flesch-scores < 30 en fog-indices > 16 komen overeen met teksten die zeer moeilijk te lezen zijn, bijvoorbeeld juridische contracten.

De auteurs lieten hun telmachine los op 42 onderzoeksverslagen in BMJ en 68 in JAMA, gepubliceerd in het 1e halfjaar van 2001, met gestructureerde samenvattingen en met Britse of Amerikaanse auteurs.

Ruimte voor verbetering van de kwaliteit van medische informatie op het internet

logo

Internet is een belangrijk medium geworden voor consumenten op zoek naar medische informatie. Vele onderzoeken zijn gedaan naar de kwaliteit van die informatie, met tegenstrijdige conclusies. Eysenbach et al. verrichtten een systematische review, waarbij zij alle onderzoeken includeerden waarin systematisch gezocht was naar medische informatie voor leken op internet en de kwaliteit daarvan beoordeeld was volgens bepaalde criteria.1

In totaal 79 onderzoeken voldeden aan hun criteria. Deze betroffen 5941 medische websites. Vervolgens beoordeelden 2 onderzoekers onafhankelijk van elkaar de opzet en de kwaliteit van de studies, de gebruikte zoekstrategieën, de methoden en de criteria voor kwaliteitsbeoordeling, en tenslotte de resultaten.

Hoe zoekt de patiënt naar informatie op het internet?

‘Trust me. I’m a website’. Onder dit motto wijdde het BMJ onlangs een themanummer aan de stand van medische informatie op internet. Het is interessant om te zien hoe consumenten op het web zoeken naar antwoorden op vragen die hun gezondheid aangaan en hoe zij het verkregen materiaal beoordelen.

Eysenbach en Köhler lieten 21 ervaren internetgebruikers deelnemen aan 3 zogenaamde focusgroepsessies, waarbij de nadruk lag op hun mening over de betrouwbaarheid van informatie op het net.1 Daarnaast kregen 17 vrijwilligers een aantal veelvoorkomende medische vragen voorgelegd, die zij moesten beantwoorden met behulp van internet. Hun zoekgedrag werd vastgelegd en achteraf werden zij hierover geïnterviewd.